Aanwijzingsborden: de familie van de zones

Home › Aanwijzingsborden: de familie van de zones

Aanwijzingsborden informeren. Ze verbieden niets en verplichten niets — en toch zijn het de borden die op het examen de meeste verrassingen opleveren, omdat een groot deel van de familie ZONES opent. Een zone gehoorzaamt aan een andere regel dan een gewoon bord.

Wat je hier vindt

Vierkant of rechthoekig, blauw

De vorm zegt: dit is informatie. Geen rode rand, geen ronde schijf — en dus geen verbod en geen gebod in het bord zelf.

Maar een zone bindt wel

Wat het bord aankondigt kan bindend zijn: in een zone 30 rijd je 30, in een woonerf 20. Het bord informeert over een regeling die wél geldt.

Een zone eindigt bij haar eindebord

Niet aan het volgende kruispunt. Dat is het verschil met een verbodsbord, en het is de vraag die kandidaten het vaakst missen.

Waarom een zone anders werkt dan een bord

Een gewoon verbodsbord geldt vanaf het bord tot het volgende kruispunt. Een zonebord opent een gebied, en de regeling loopt door tot het bijbehorende eindebord — hoeveel kruispunten er ook tussen liggen.

Dat betekent dat je in een zone kunt rijden zonder het bord opnieuw te zien, en dat de regel toch nog geldt. Kandidaten gaan er vaak van uit dat de regeling « verloopt ». Ze doet dat niet.

Elke zone heeft haar eigen eindebord: F12b sluit het woonerf, F105 de voetgangerszone, F4b de zone 30.

De drie zones die je moet kennen

Ze lijken op elkaar en ze betekenen iets anders. Elk heeft zijn eigen pagina, met de examenval erbij.

Drie zones, drie regimes.
Zone 30 (F4a)Woonerf (F12a)Voetgangerszone (F103)
Snelheid30 km/u20 km/uStapvoets
AutoverkeerToegelatenToegelatenIn principe verboden
VoetgangersOp de stoepHele breedteDe zone is van hen
Spelen op straatNeeJa
EindeF4bF12bF105

De éénrichtingsstraat

Het blauwe rechthoekige bord met de witte pijl, F19, markeert het BEGIN van een éénrichtingsstraat — de kant waar je wél in mag. Aan de andere kant van diezelfde straat staat een C1, dat de toegang in de tegenovergestelde richting verbiedt.

De twee borden horen dus bij elkaar en beschrijven dezelfde straat vanuit twee kanten. Wie dat verband ziet, beantwoordt beide vragen ineens.

De klassieke examenval

Het woonerf verwarren met de zone 30. Het cijfer is 20 in een woonerf, niet 30 — en dat is het antwoord dat kandidaten het vaakst verkeerd hebben. In een woonerf mogen voetgangers bovendien de hele breedte van de weg gebruiken, en spelen is er uitdrukkelijk toegelaten.

De tweede val is het einde van de zone. Een zone eindigt niet aan het volgende kruispunt, maar bij haar eindebord. Zolang je dat niet gepasseerd bent, geldt de regeling nog.

De volledige bibliotheek

Alle 359 Belgische verkeersborden staan in onze doorzoekbare bibliotheek, met filter per categorie en zoekveld.

Open de volledige bordenbibliotheek →

De serie F in cijfers

Veelgestelde vragen over aanwijzingsborden

Waar eindigt een zone 30?

Bij het bord F4b, dat het einde van de zone aangeeft — niet aan het volgende kruispunt. Een zone loopt door tot haar eindebord, ongeacht het aantal kruispunten dat je passeert.

Wat is het verschil tussen een woonerf en een zone 30?

In een woonerf geldt 20 km/u, mogen voetgangers de hele breedte van de weg gebruiken, is spelen toegelaten en mag je alleen parkeren op gemarkeerde plaatsen. In een zone 30 geldt 30 km/u en verder de gewone regels.

Zijn aanwijzingsborden verplicht om te volgen?

Het bord zelf informeert, maar de regeling die het aankondigt is wel bindend. Een zone 30-bord legt geen verplichting op door zijn vorm, maar de snelheidsbeperking van 30 km/u in die zone geldt onverkort.

Wat betekent het blauwe bord met een witte pijl?

Dat is F19: het begin van een éénrichtingsstraat, aan de kant waar je erin mag. Aan de andere kant van diezelfde straat staat een C1, dat de toegang in de tegenovergestelde richting verbiedt.

Verder lezen